Wordt een BV aantrekkelijker door de nieuwe box 3-plannen?

Box 2 versus box 3 bij cryptovermogen: jaarlijkse heffing tegenover heffing bij uitkering, liquiditeit, kosten en administratie — en waarom er geen algemeen antwoord bestaat.

Crypto in BV7 min lezen

Waarom de vraag nu opkomt

Zolang box 3 forfaitair werkte, was de afweging voor de meeste cryptobezitters overzichtelijk: privé aanhouden was eenvoudig en meestal goedkoper. Met de beoogde overgang naar heffing over werkelijk rendement verandert die vergelijking van karakter.

Niet omdat een BV plotseling gunstig wordt, maar omdat het verschil tussen 'jaarlijks belasten van waardeontwikkeling' en 'belasten op het moment van uitkeren' zichtbaarder wordt bij vermogen dat sterk in waarde schommelt.

Let op: de vormgeving van het nieuwe stelsel is nog in wetgevingstraject. Reken met scenario's, niet met zekerheden.

Box 3 in het kort

In box 3 wordt uw privévermogen belast. Onder het huidige stelsel gebeurt dat op basis van forfaitaire rendementen per vermogenscategorie, met een heffingvrij vermogen. Onder het beoogde stelsel zou het werkelijke rendement bepalend worden: ontvangen inkomsten plus waardeontwikkeling, verminderd met bepaalde kosten.

Twee kenmerken zijn bepalend. Ten eerste: de heffing is jaarlijks, ook zonder verkoop. Ten tweede: er is geen uitstelmogelijkheid — het belastbare moment volgt de kalender, niet uw beslissing.

Box 2 en de BV in het kort

Houdt u crypto in een BV, dan valt het resultaat van de vennootschap onder de vennootschapsbelasting. Wat de BV overhoudt, kan blijven zitten. Pas als u geld naar privé haalt — als dividend of als loon — volgt heffing bij u persoonlijk, bij dividend in box 2.

Dat betekent twee heffingsmomenten in plaats van één, maar met de mogelijkheid om het tweede moment te kiezen. Voor vermogen dat langdurig in stand blijft, is dat een wezenlijk verschil.

Daar staat tegenover dat een BV geen heffingvrij vermogen kent, dat de directeur-grootaandeelhouder met de gebruikelijkloonregeling te maken heeft en dat er jaarlijkse verplichtingen zijn: administratie, jaarrekening, deponering en aangiften.

Jaarlijkse heffing versus heffing bij uitkering

Het kernverschil is timing. Box 3 rekent elk jaar af over de ontwikkeling van het vermogen. De BV-route stelt het persoonlijke deel van de heffing uit tot het moment van uitkeren.

Bij een portefeuille die stijgt en waaruit u niets opneemt, betekent dat: in box 3 betaalt u jaarlijks, in de BV pas later. Bij een portefeuille die eerst stijgt en daarna daalt, kan de volgorde ongunstig uitpakken in box 3 — al voorzien de plannen in verliesverrekening, waarvan de exacte vormgeving nog niet vaststaat.

Uitstel is geen afstel. Uiteindelijk wordt ook in de BV geheven, en de gecombineerde druk van vennootschapsbelasting en box 2 is niet automatisch lager dan de box 3-druk.

Liquiditeit

Dit is bij crypto vaak het doorslaggevende praktische punt. Een jaarlijkse heffing over ongerealiseerd rendement moet in euro's worden betaald, terwijl het rendement in de portefeuille zit. Wie niet wil of kan verkopen, moet de heffing elders financieren.

Bij sterke koersdalingen na de peildatum wordt dat scherper: de aanslag volgt de oude waarde, de portefeuille de nieuwe. In een BV speelt dit ook, maar het uitkeringsmoment kan wel worden afgestemd op de liquiditeitspositie.

Kosten en administratie

Een BV brengt structurele kosten met zich mee: oprichting, jaarlijkse administratie en jaarrekening, aangiften vennootschapsbelasting en loonheffing, en vaak advieskosten. Voor cryptobezit komt daar iets specifieks bij: de waardering en verwerking van digitale activa in de jaarrekening en een controleerbare transactieadministratie.

In box 3 zijn die vaste lasten er niet, maar onder het beoogde stelsel neemt de administratieve last wel toe: werkelijke rendementen moeten worden onderbouwd.

Een vuistregel: hoe kleiner het vermogen, hoe zwaarder de vaste BV-kosten wegen ten opzichte van het mogelijke voordeel.

Scenariovergelijking: hoe u de afweging maakt

Reken minimaal drie scenario's door met uw eigen cijfers: een stijgend, een vlak en een dalend koersverloop over een periode van vijf tot tien jaar.

Neem per scenario mee: de jaarlijkse box 3-heffing bij werkelijk rendement, de vennootschapsbelasting over hetzelfde resultaat, de box 2-heffing bij het beoogde uitkeringsmoment, de vaste jaarlijkse kosten van de BV en de kosten van eventuele inbreng of overdracht.

Neem ook de niet-fiscale factoren mee: aansprakelijkheid, financierbaarheid, de vraag of u het vermogen op korte termijn privé nodig heeft, en de vraag hoe u de structuur weer beëindigt als de regels veranderen.

Vermogen overhevelen naar een BV is bovendien zelden fiscaal neutraal. Beoordeel de kosten van de overgang, niet alleen de eindsituatie.

Wat dit betekent voor cryptobezitters

Voor de meeste particuliere bezitters met een overzichtelijke portefeuille blijft privé aanhouden de eenvoudigste route, ook onder het beoogde stelsel. De BV wordt pas serieus interessant bij grotere vermogens, bij structurele activiteit die richting box 1 neigt, of wanneer crypto al deel uitmaakt van een bestaande ondernemingsstructuur.

Wat in alle gevallen geldt: zonder sluitende administratie is geen enkele route te onderbouwen. Een BV lost een administratieprobleem niet op — hij vergroot het, want een jaarrekening vraagt meer dan een aangifte.

Dit artikel is algemene informatie en geen persoonlijk fiscaal advies. Een keuze tussen privé en BV vraagt een berekening op uw eigen cijfers, samen met uw fiscalist of accountant.

Van algemene uitleg naar uw eigen dossier

In een intake van 30 minuten bespreken we uw situatie en welke onderbouwing daarbij nodig is.

Intake 30 minuten · €75 · verrekenbaar bij opdracht