Bijgewerkt op

Belasting betalen over ongerealiseerde winst: het liquiditeitsprobleem van Box 3

De hervorming van Box 3 richting werkelijk rendement klinkt eerlijker, maar bij crypto ontstaat een structureel liquiditeitsprobleem: belasting betalen over vermogen dat alleen op papier bestaat.

Box 34 min lezen

Stand van zaken op 5 oktober 2026

Huidige regels: in 2026 geldt het forfaitaire box 3-stelsel met een tegenbewijsregeling. Het heffingsvrij vermogen is €59.357 per persoon. Met de tegenbewijsregeling kunt u aantonen dat uw werkelijke rendement lager was dan het forfaitaire rendement.

Voorstel voor 2027: volgens de ontwerpnovelle van 2 oktober 2026 blijft het forfaitaire stelsel in 2027 gelden, met een heffingsvrij vermogen van €30.846 en een forfait voor overige bezittingen van 7,87%. Dat zijn voorgestelde bedragen; het kabinet werkt alternatieve dekkingsmaatregelen uit om kleine spaarders te ontzien.

Wetsvoorstel vanaf 2028: de Wet werkelijk rendement box 3 ligt bij de Eerste Kamer, met 1 januari 2028 als beoogde ingangsdatum. Volgens de ontwerpnovelle vallen financiële instrumenten vanaf 2028 onder vermogenswinstbelasting. Direct aangehouden crypto bij een exchange of in een eigen wallet valt vanaf 2028 voorlopig onder vermogensaanwasbelasting: ook ongerealiseerde waardeveranderingen tellen dan mee. Voor die categorie is de overgang naar vermogenswinstbelasting beoogd vanaf 2030.

De voorgestelde wijzigingen voor 2027 en het nieuwe stelsel vanaf 2028 zijn nog niet definitief. De ontwerpnovelle ligt voor advies bij de Raad van State en moet nog door beide Kamers worden behandeld.

Wat wordt bedoeld met ongerealiseerde winst?

De hervorming van Box 3 richting belasting op werkelijk rendement wordt vaak gepresenteerd als eerlijker en realistischer. In theorie klopt dat. In de praktijk ontstaat er echter een structureel probleem dat vooral zichtbaar wordt bij beleggingen zoals crypto: het liquiditeitsprobleem. Dit probleem draait niet om rendement, maar om timing. Om de vraag of belasting moet worden betaald op vermogen dat wel op papier bestaat, maar (nog) niet in geld beschikbaar is.

Ongerealiseerde winst is een waardestijging die nog niet is omgezet in cash. Bijvoorbeeld: u bezit crypto die in waarde stijgt, u verkoopt niet, en uw vermogen groeit op papier. Zolang er geen verkoop plaatsvindt, is er geen geld vrijgekomen. Toch kan deze waardestijging onder het voorgestelde nieuwe Box 3-stelsel wel meetellen als belastbaar rendement. Volgens de ontwerpnovelle geldt dat vanaf 2028 voorlopig voor direct aangehouden crypto bij een exchange of in een eigen wallet; voor die categorie is de overgang naar vermogenswinstbelasting beoogd vanaf 2030. Daar ontstaat de spanning.

Waarom liquiditeit cruciaal wordt in Box 3

Belasting moet worden betaald in geld, niet in vermogen. Dat betekent: belastingaanslagen zijn liquide verplichtingen, terwijl vermogensgroei vaak illiquide is.

Voor aandelen en andere financiële instrumenten geldt dit volgens de ontwerpnovelle niet op dezelfde manier: die zouden vanaf 2028 onder vermogenswinstbelasting vallen, waarbij waardestijging in beginsel pas bij verkoop wordt belast. Bij direct aangehouden crypto wordt het effect juist versterkt door sterke koersschommelingen, beperkte liquiditeit bij bepaalde tokens en het ontbreken van vaste uitkeringsmomenten. Een stijging op papier kan daarmee leiden tot een belastingverplichting, terwijl er geen directe cash beschikbaar is om die belasting te voldoen.

Waarom crypto dit probleem vergroot

Crypto heeft eigenschappen die slecht passen bij een jaarlijks afrekenmoment: volatiliteit (waardes kunnen binnen korte tijd sterk veranderen), geen natuurlijke cashflow (geen rente of dividend in geld) en markttiming-risico (verkopen om belasting te betalen kan precies op een ongunstig moment plaatsvinden).

Dit betekent dat belastingheffing niet alleen rendement raakt, maar ook portfoliobeslissingen kan afdwingen. Niet omdat iemand wil verkopen, maar omdat liquiditeit nodig is.

Het verschil tussen theoretische en praktische belastingdruk

Op papier kan het nieuwe Box 3-stelsel neutraal ogen. In de praktijk verschilt de belastingdruk sterk per situatie: wie voldoende cashbuffers heeft, kan belasting betalen zonder te verkopen; wie die buffers niet heeft, moet mogelijk vermogen liquideren.

Zo ontstaat een onderscheid dat niets te maken heeft met rendement, maar alles met liquiditeitspositie. Dat is geen randverschijnsel, maar een structureel effect van het systeem.

Waarom dit geen detail is, maar een systeemvraag

Het liquiditeitsprobleem raakt aan de kern van Box 3: belasting wordt jaarlijks geheven, waardering vindt plaats los van verkoop, en de timing van belasting en de timing van cash lopen uiteen.

Volgens de voorstellen speelt dit bij vermogensbestanddelen die voorlopig onder vermogensaanwasbelasting blijven. Direct aangehouden crypto is daarvan het meest volatiele voorbeeld en maakt het probleem zichtbaar en scherp. Juist daarom is het een relevante casus in de discussie over werkelijk rendement.

Conclusie

Belasting over ongerealiseerde winst is geen theoretisch vraagstuk, maar een praktisch probleem van liquiditeit. Zeker bij crypto kan een belastingaanslag ontstaan zonder dat er geld beschikbaar is om die te betalen. Dat vraagt niet om paniek of voorspellingen, maar om realisme.

Niet elke waardestijging is direct besteedbaar. En niet elk belastbaar rendement is liquide. Wie Box 3 wil begrijpen richting 2028 en 2030, moet daarom niet alleen kijken naar rendement — maar naar de verhouding tussen waarde en beschikbare cash.

Complexe crypto-administratie, reconstructie of Box 3-vraag?

Cryptoklaar helpt bij situaties waarin transacties, historie of fiscale verwerking niet eenvoudig zijn.

Intake 30 minuten · €75 inclusief btw · verrekenbaar bij opdracht