Tokenisatie en belasting: fiscale aandachtspunten bij getokeniseerd vermogen

Vastgoedtokens, leningtokens, yield tokens en SPV-structuren: hoe het onderliggende recht de fiscale behandeling bepaalt, en wat waardering, illiquiditeit en bewijs daarbij vragen.

Box 38 min lezen

Wat tokenisatie is

Tokenisatie is het vastleggen van een recht op een blockchain in de vorm van een token. Dat recht kan van alles zijn: een aandeel in een vastgoedobject, een vordering uit een lening, een winstrecht, een recht op een goederenvoorraad of toegang tot een dienst.

De techniek maakt het mogelijk om illiquide bezittingen in kleine eenheden op te knippen en over te dragen zonder notaris of tussenpersoon. Dat verandert de verhandelbaarheid, niet noodzakelijk de aard van het recht.

Precies daar zit de fiscale kern: de token is de verpakking. De behandeling volgt de inhoud.

Het onderliggende juridische en economische recht is bepalend

Voordat u iets over de fiscale behandeling kunt zeggen, moet vaststaan wat u werkelijk bezit. Is het een eigendomsrecht, een vordering op een uitgevende partij, een aandeel in een vennootschap, of alleen een contractueel recht op een uitkering?

Twee tokens die identiek ogen kunnen juridisch tegenovergesteld zijn. Een 'vastgoedtoken' die eigendom vertegenwoordigt in een entiteit is iets anders dan een 'vastgoedtoken' die uitsluitend een recht geeft op een deel van de huurstroom.

De enige betrouwbare bron is de documentatie: het prospectus of whitepaper, de algemene voorwaarden, de statuten van de uitgevende entiteit en de overeenkomst. Bewaar die bij aanschaf; achteraf zijn ze vaak niet meer beschikbaar.

Vastgoedtokens

Bij getokeniseerd vastgoed is de eerste vraag of u een belang in de onroerende zaak zelf houdt, of in een entiteit die het vastgoed bezit. Meestal is het laatste het geval en houdt u dus een deelname of vordering, niet het vastgoed.

Dat heeft gevolgen. Het onderscheid raakt de vraag of u met overdrachtsbelasting te maken kunt krijgen, hoe de opbrengst wordt gekwalificeerd, en wat er gebeurt bij verkoop van het object door de entiteit.

Verhuuropbrengsten die worden uitgekeerd zijn bij normaal vermogensbeheer onderdeel van het box 3-vermogen. Wordt er actief beheerd, verbouwd of geëxploiteerd met eigen arbeid, dan komt box 1 in beeld — hetzelfde kantelpunt als bij regulier vastgoed.

Leningtokens en income- of yieldtokens

Een leningtoken vertegenwoordigt een vordering met een rentecomponent. Economisch is dat een obligatieachtig product: de hoofdsom is bezit, de rente is een opbrengst.

Income- of yieldtokens keren periodiek uit op basis van een onderliggende kasstroom. De vraag is dan of die uitkering rendement op vermogen is of een vergoeding voor iets anders — bijvoorbeeld voor het beschikbaar stellen van liquiditeit met een actieve rol.

Onder het huidige box 3-stelsel is het onderscheid tussen categorieën relevant: vorderingen kennen een andere forfaitaire behandeling dan overige bezittingen. Onder het beoogde stelsel van werkelijk rendement wordt de daadwerkelijk ontvangen opbrengst bepalend, wat de vastlegging per uitkering belangrijker maakt.

Let ook op debiteurenrisico. Een token die niet meer wordt uitbetaald, is niet automatisch waardeloos voor de aangifte; er moet worden onderbouwd waarom de waarde is gedaald.

SPV-structuren

Veel tokenisatieprojecten werken met een special purpose vehicle: een aparte entiteit die het onderliggende actief houdt en de tokens uitgeeft. Beleggers houden een belang in de SPV, niet in het actief.

Beoordeel dan waar de SPV is gevestigd, welke rechtsvorm zij heeft en hoe die naar Nederlands fiscaal recht wordt gekwalificeerd. Een buitenlandse structuur kan naar Nederlandse maatstaven transparant of niet-transparant zijn, met verschillende gevolgen.

Ook relevant: kan uw belang een aanmerkelijk belang worden? Bij kleine projecten met weinig deelnemers is een belang van 5% of meer niet ondenkbaar, en dan verschuift de behandeling naar box 2.

Vraag bij aanschaf om een fiscale paragraaf in de documentatie. Ontbreekt die volledig, dan is dat op zichzelf een signaal.

Waardering en illiquiditeit

Waardering is bij tokenisatie het lastigste onderdeel. Er is vaak geen doorlopende markt, de handel is dun, en de laatst bekende koers kan maanden oud zijn of tot stand zijn gekomen tussen enkele partijen.

Voor de peildatum heeft u toch een waarde nodig. Werk daarom met een consistente en uitlegbare methode: bij voorkeur een marktprijs als die betekenisvol is, anders de waarde van het onderliggende actief naar rato van uw belang, of de meest recente uitgifte- of transactieprijs.

Leg altijd vast welke methode u kiest en waarom, en gebruik die methode over de jaren heen consequent. Wisselen van methode zonder toelichting roept meer vragen op dan een imperfecte waardering.

Illiquiditeit is bovendien een liquiditeitsrisico: onder een stelsel van werkelijk rendement kan er belasting verschuldigd zijn over waardeontwikkeling van een token die u niet kunt verkopen.

Box 1 of box 3 bij tokenisatie

Passief houden van getokeniseerd vermogen blijft in beginsel box 3. Box 1 komt in beeld bij een actieve rol: het zelf structureren van projecten, het aanbrengen van beleggers, het actief beheren van het onderliggende actief of het handelen in tokens met een organisatie eromheen.

Bij een aanmerkelijk belang in een SPV verschuift het geheel naar box 2, met eigen regels voor dividend en vervreemding.

De weging is dezelfde als elders: kennis, arbeid, organisatie, frequentie en voorspelbaarheid van het voordeel.

Administratie en bewijs

Bewaar per positie: de projectdocumentatie zoals die gold bij aanschaf, de aankoopbevestiging met datum, aantal en prijs, het adres van het smart contract en uw eigen adres.

Leg per periode vast: ontvangen uitkeringen met datum, bedrag en valuta, de euro-waarde op het uitkeringsmoment, ingehouden bronheffing indien van toepassing, en de gehanteerde waardering per peildatum met onderbouwing.

Bij verkoop of aflossing: de tegenpartij, de opbrengst en de route waarlangs de middelen zijn ontvangen. Bij projecten die stoppen: de correspondentie en het moment waarop duidelijk werd dat er geen waarde meer was.

Dit klinkt zwaarder dan het is, maar het moet wel bij de transactie gebeuren. Achteraf reconstrueren van een gestopt tokenisatieproject is bijna niet te doen.

Deze pagina bundelt twee eerdere onderwerpen

Op de vorige website stonden tokenisatie en de box 3-aandachtspunten bij tokenisatie als twee losse pagina's. Ze zijn hier samengevoegd tot één canonieke pagina, zodat de uitleg over het onderliggende recht en de uitleg over waardering en box 3 bij elkaar staan.

Van algemene uitleg naar uw eigen dossier

In een intake van 30 minuten bespreken we uw situatie en welke onderbouwing daarbij nodig is.

Intake 30 minuten · €75 · verrekenbaar bij opdracht