Box 3: Wanneer hoef je géén werkelijk rendement (OWR) in te dienen?

Ontdek wanneer je de Opgaaf Werkelijk Rendement (OWR) niet hoeft in te dienen voor box 3. Uitleg voor spaarders, beleggers en cryptobezitters.

Box 34 min lezen

Waarom vraagt de Belastingdienst om de OWR?

Veel belastingplichtigen ontvangen een brief van de Belastingdienst met het verzoek om de Opgaaf Werkelijk Rendement (OWR) in te dienen voor box 3. Dit zorgt voor verwarring: moet iedereen deze opgaaf verplicht opsturen? En wanneer heeft het eigenlijk zin?

In dit artikel leggen we uit wanneer het wél relevant is om de OWR in te dienen – en vooral: wanneer niet. Dit is belangrijke informatie voor iedereen met spaargeld, beleggingen of crypto-activa in box 3.

Sinds het Kerstarrest werkt de Belastingdienst met drie mogelijke berekeningen voor box 3: het forfaitair rendement (zoals berekend in de aangifte 2020), de herstelberekening (spaarvariant) en het werkelijk rendement (OWR).

De wet schrijft voor dat het laagste van deze drie mag worden gebruikt. De belasting mag dus nooit hoger worden dan de meest gunstige uitkomst. Daarom wordt de OWR alleen relevant als deze lager uitvalt dan de herstelberekening.

Wanneer hoef je géén OWR in te dienen?

De OWR heeft alleen nut als deze lager is dan de herstelberekening van de Belastingdienst.

Kijk naar dit voorbeeld: forfaitair rendement uit de aangifte € 80.000, herstelberekening € 50.000 en werkelijk rendement (OWR) € 55.000. De laagste uitkomst is € 50.000. De OWR van € 55.000 ligt hoger.

In dit geval hoef je géén OWR in te dienen. Het verandert niets aan de uiteindelijke heffing.

Belangrijk: de OWR kan je belasting nooit verhogen. De Belastingdienst gebruikt altijd de laagste uitkomst. Maar als de OWR niet lager is, heeft indienen simpelweg geen effect.

Wanneer moet je de OWR wél indienen?

Het is zinvol om een OWR in te sturen wanneer je werkelijke rendement negatief was, wanneer je veel koersverlies hebt geleden (bij crypto of beleggingen), wanneer je rendement duidelijk lager was dan het forfait of de herstelberekening, of wanneer je een grote verschuiving had in vermogen gedurende het jaar.

In die gevallen kan de OWR leiden tot een aanzienlijke vermindering van de box 3-heffing.

Wat betekent dit voor cryptobezitters?

Voor cryptobeleggers geldt: grote waardedalingen tellen volledig mee, opbrengsten zoals staking tellen mee als rendement, transactiekosten zijn meestal níet aftrekbaar en de OWR is vooral gunstig in jaren met negatieve of lage resultaten.

Veel cryptobezitters zien dat hun OWR lager is dan de forfaitaire of herstelberekening. Maar als dit niet zo is, zoals in het voorbeeld hierboven, hoef je de opgaaf niet te versturen.

Twijfel je? Laat het berekenen.

Box 3 en crypto blijft complex. Het verschilt per persoon of een OWR echt voordeel oplevert.

Via Cryptoklaar helpen wij cryptobezitters met het berekenen van werkelijke rendementen, het controleren of een OWR zinvol is, het opstellen van de juiste onderbouwing en fiscale keuzes rondom crypto en box 3.

Van algemene uitleg naar uw eigen dossier

In een intake van 30 minuten bespreken we uw situatie en welke onderbouwing daarbij nodig is.

Intake 30 minuten · €75 · verrekenbaar bij opdracht